Dimmend licht (21)

Dommend licht 21 door Hans van der Kamp

‘Werken die pillen nou een beetje?’ vroeg Cornelia.

‘Ik weet het niet zeker. Ik heb sowieso weinig last als ik gewoon blijf zitten, maar toen ik net naar het toilet ging, leek de pijn wel wat minder.’

‘Misschien moet je gewoon even een stevige borrel nemen,’ zei ze, terwijl ze de fles whisky uit de boodschappen haalde.

‘Gaat dat wel samen met ibuprofen?’ vroeg Bork bezorgd, terwijl hij daar meteen weer spijt van had, want hij lustte er nu wel een.

‘Ach, die zijn allang uitgewerkt,’ zei Cornelia. Zelf had hij ooit iets op een bijsluiter over een vijf uur durende werking gelezen, maar goed, dat was ibuprofen uit de vorige eeuw. Alles was sindsdien minder geworden, dus misschien ging dat ook wel voor dat middel op.

Hij schuifelde naar de tafel en ging tegenover haar zitten. Een harde stoel hielp eigenlijk beter dan de fauteuil waar hij eerder in had gezeten en na twee whisky’s voelde hij zich zienderogen opknappen. Niet dat zijn rug soepeler was geworden, maar hij genoot van het uitzicht op Cornelia.

Ze had iets geraakt met haar opmerking over zijn geaardheid, iets wat eigenlijk al meer dan een decennium volledig uit het zicht was verdwenen. Nou ja, niet zozeer uit het zicht. Hij sprak met gemak over zijn dubbele geaardheid, maar echt praktiserend was hij niet meer. Eigenlijk viel hij ook niet meer echt op mannen van zijn eigen leeftijd, niet omdat die onaantrekkelijker waren, maar omdat ze zo vaak vastgeroest zaten in een leven dat vooral gebaseerd was op de angst het materieel minder te krijgen, wat natuurlijk iets was wat eigenlijk best inherent was aan ouder worden. Hij had er zelf ook last van, maar hij lag tenminste niet wakker van een tweede huis in Zuid-Frankrijk met een lekkend dak, wat toch wel een cliché was waar veel mannen van zijn leeftijd in goede doen last van hadden.

In zijn jeugd was biseksualiteit iets geweest dat weerzin en misschien zelfs angst opriep bij mensen, zeker tijdens de aidsepidemie, maar binnen de gay scene bestond het toen nog niet echt als iets wat als volwaardig werd gezien. In plaats daarvan stelde men koeltjes vast dat het tijd werd om eens uit de kast te komen. Uiteindelijk was zijn geaardheid niet meer geworden dan een handige eigenschap als je zowel met mannen als vrouwen wilde werken in de fotografie.

De grote verveling van uitsluitend vrouwen fotograferen die je zelf aantrekkelijk vond, zoals de vele fotografen die bij voorkeur alleen Aziatische meisjes fotografeerden, was hem in ieder geval bespaard gebleven.

Daar kwam bij dat ouder worden, althans bij hem, het vermogen had gevormd om lastige verliefdheden vrij snel de das om te doen. Als iets uitzichtloos was, dan zag je dat sneller in en dan kon je dat afkappen, terwijl de jongere versie van Bork wat dat betreft veel vasthoudender was geweest en veel sentimenteler.

Bovendien had Bork ervaren dat vrouwen aanzienlijk minder moeite hadden met het gegeven dat hij ook op mannen viel dan homoseksuele mannen konden accepteren dat hij ook op vrouwen viel. Zo was langzaam maar zeker een Bork ontstaan die uitsluitend nog incidenteel iets met vrouwen aanging. Voor zijn eigen gevoel had hij dat zelf niet zo gestuurd, maar was het gewoon op bijna organische wijze ontstaan. Misschien lag dat bij mensen die overwegend de ene of de andere seksuele voorkeur hadden beduidend anders.

Hoe dan ook had hij passie, lust en verliefdheden al ruim voor zijn zeventigste aan de kant gezet als lastige variabelen die nooit veel geluk opbrachten. Ontstond er eens een bepaalde spanning tussen hem en een model, dan was hij meestal blij dat hij zo iemand met beleefde afstandelijkheid weer het huis had uitgewerkt. Dat voelde als macht en vooral als een bevestiging van het feit dat hij zijn gevoelens en verlangens beter onder controle had dan die ander.

Hij vroeg zich af of hij niet iets dergelijks probeerde met Cornelia en ook of die aanpak niet een beetje op het punt stond te mislukken. In een poging weer richting te bepalen vroeg hij haar of ze wilde zeggen hoeveel geld ze uitgegeven had aan de huishoudelijke benodigdheden, zodat hij die kosten kon vergoeden.

‘Geen idee, laat maar zitten. Ik ben blij dat ik even heb kunnen helpen,’ zei ze.

Hij informeerde naar wat voor werk ze deed en zij vertelde dat ze op de loonlijst stond bij het bedrijf van haar overleden vader en dat het contract ondanks zijn dood niet opgezegd kon worden, omdat het juridisch gezien een aanstelling voor het leven was.

‘Ik ben zogenaamd een talenwonder,’ zei ze met een glimlach. ‘Ze vergeten erbij te vermelden dat mijn vader zo’n ambitieuze zakenman was dat we zo ongeveer elk jaar in een ander land woonden als hij daar weer ongekende mogelijkheden dacht te zien. Dat is eigenlijk gewoon de definitie van een kutjeugd, maar je leert wel talen spreken die niet zo voor de hand liggen als Frans, Duits en Engels en dat kan handig zijn voor een internationaal opererend bedrijf. Tijdens het leven van mijn vader werd er regelmatig een beroep op mijn talenkennis gedaan, maar sinds zijn overlijden valt het vrijwel stil. Ze vertrouwen me niet meer, want mijn moeder heeft nog aandelen en ze zijn bang dat zij via mij alsnog indirect macht wil uitoefenen, want ze willen juist een nieuw bedrijf met een nieuw élan en dat kan ik me ook wel voorstellen, want mijn vader was geen makkelijke man.’

‘Spreek je toevallig ook Russisch?’ vroeg Bork.

‘Weinig. We hebben slechts driekwart jaar in Petersburg gewoond, vijf jaar na de val van de muur. Ik was nog heel jong. Ik versta Russisch en ik spreek een paar woorden, maar daar houdt het mee op. Ik ben beter in Mandarijn, als je daar toevallig wat aan hebt.’

Bork glimlachte. ‘Nee, zo mondiaal is mijn kleine toko nu ook weer niet, maar ik vroeg me af of je kon controleren hoe een tolk gesprekken tussen mij en Sergej zo ongeveer vertaalt. Het viel me indertijd op dat ik soms een of twee zinnen zei en dat de tolk daar een heel lang verhaal van maakte.’

‘Dat lukt prima,’ antwoordde Cornelia geestdriftig. ‘Dan spreken we van tevoren af dat je hem vertelt dat ik geen woord Russisch spreek. Dan ben ik gewoon je assistente.’

Bork keek bedenkelijk. Dat laatste was er net iets te vlot en te enthousiast uitgekomen.

‘Ach kom op, Bork, hoe vaak moet ik me nog aan je opdringen? Kijk hoe je er scheef bij zit op je stoel met je halve dwarslaesie. Je hebt duidelijk een assistent nodig en mij hoef je niet te betalen, want ik heb al een baan, op papier in ieder geval.’

‘Nou, nou, dwarslaesie, half of niet, als ik dat had zou ik niet meer kunnen zitten,’ bromde hij. ‘Morgen schiet het er weer uit en dan kan ik prima mijn eigen zaakjes regelen.’

‘You can lead a horse to water, but you can’t make him drink,’ zei Cornelia ietwat gekwetst door zijn reactie.

Er viel een stilte en Bork dacht na. Het aanbod was eigenlijk een beetje te goed om waar te zijn, dat was wat hem dwarszat en voor de rest zag hij eigenlijk geen echte problemen. Die WAM-serie moest hoe dan ook af voordat Sergej kwam en morgen had hij alweer fotografie met de exhibitioniste voor hetzelfde project. Waarom niet eens gewoon ouderwets een risico nemen, vroeg hij zich af. Was het zijn leeftijd, of was hij zijn gevoel voor avontuur gewoon kwijt?

‘Oké,’ zei Bork, ‘maar wel een samenwerking die per dag opzegbaar is.’

‘Deal,’ zei Cornelia en ze haalde een andere fles uit de boodschappentas. Niet de Famous Grouse die ze nu hadden zitten drinken, maar de Glenfiddich die ze ook bij hun eerste kennismaking hadden gedronken.

Hij keek naar haar blije gezicht en voelde de behoefte haar op zijn bed te gooien en flink de liefde te bedrijven, maar voorlopig was hij nog niet in staat om geheel rechtstandig naar het toilet te lopen zonder pijn. De strikte hoek van negentig graden was er wel zo’n beetje uit, maar zijn rug was nog verre van in orde.

Zo fanatiek als hij even daarvoor nog zat tegen te sputteren, zo opgelucht en optimistisch voelde hij zich nu. Misschien had hij zichzelf toch meer in de weg gezeten dan hij zelf durfde toe te geven.