
Naarmate de dag van het bezoek van Sergej naderde, kwamen er steeds meer berichten van hem binnen via het kantoor van de Israëlische tolken en vertalers die onder de naam Gesher opereerden. Berichten van vrouwen die een selfie als profielfoto hadden, meestal gemaakt ergens op een exotisch strand. Foto’s die zo van social media gehaald leken te zijn. De vrouwen van Gesher hadden zonder uitzondering ook namen die bedoeld waren om vooral sexy over te komen. Bork stelde zich voor hoe ergens in Tel Aviv een groep orthodox-joodse mannen met peies en keppeltjes zich een breuk lachten, terwijl ze namens Russen allerlei westerse personen benaderden als Xandra, Vivette of Darlene.
Hij had eigenlijk een beetje medelijden met Sergej, die zo graag zaken deed in het Westen, maar voortdurend afhankelijk was van anderen omdat hij, hoezeer hij ook zijn best deed, geen Engels kon spreken of leren. Niet zelden had hij Bork gesmeekt om Russisch te leren en die had ook zonder meer zijn best gedaan en ondanks het feit dat hij van kinds af aan meertalig was geweest, wilde het met zijn cursus Russisch maar niet vlotten. Het was vooral het Cyrillische schrift dat hij verwarrend vond, omdat hij op school oud-Grieks had gehad en de letters leken daar sprekend op, maar hadden een andere functie.
De verzoeken van Sergej die via Gesher binnenkwamen waren ook nogal verwarrend. Hij wilde musea opzetten in Amsterdam, Londen en Parijs. Bork dacht bij het woord museum aan een plek voor beeldende kunst. Er waren heel wat dure berichten via Gesher nodig om Bork te laten begrijpen dat hij het eigenlijk had over gelegenheden waar toeristen selfies konden maken voor social media in een omgeving waar tafels en stoelen aan het plafond gemonteerd waren en andere visuele grappen en grollen.
Sergej was heel modieus en was beter op de hoogte van de laatste flauwekul in het Westen dan Bork zelf, die nog niet één keer in zijn leven een selfie had gemaakt met een telefoon. Bovendien beschikte Bork niet over de laatste iPhone, maar over een redelijk recente Android en dat begreep Sergej ook al niet. In zaken gebruikte je gewoon een Apple-telefoon. Niemand in Moskou zou zich verlagen tot een telefoon die uit Zuid-Korea kwam. Het moest en zou een Amerikaanse telefoon zijn. Net zoals een auto per se van Duitse makelij moest zijn. Bork vroeg zich af of Sergej wel enig besef had van hoe er in die landen over Rusland gedacht werd en of hij wel wist dat de iPhone in China samengesteld werd.
Dat zorgde ervoor dat Bork zo mogelijk nog meer met hem te doen had en zich des te harder inspande voor de man, maar veel liep ondanks al zijn inspanningen stuk op onbegrip van Sergej over hoe alles in het Westen en in het bijzonder in Engeland en Nederland werkte.
Zo wilde hij vooral zo’n ‘museum’ starten in het Red Light District en Bork woonde daar zo’n beetje om de hoek, dus dat moest voor hem een akkefietje zijn in de ogen van Sergej, die goed de berichten in de internationale pers volgde waarin burgemeester Halsema een uitspraak de wereld had ingestuurd dat prostitutie niet meer van deze tijd was.
Ze bedoelde met haar visie vrouwen te beschermen en dat was lovenswaardig. Ze had deels ook gelijk dat prostitutie niet van deze tijd was. Prostitutie was immers vooral van alle tijden en er viel een keuze te maken tussen legaal sekswerk, waarbij gemeente en overheid controle konden uitoefenen over veiligheid en hard op konden treden tegen vrouwenhandel, en de meer duistere zijde van illegaal sekswerk, waarbij controle niet altijd mogelijk was.
Het was inmiddels ook bekend dat Halsema wel voor plannen voor een erotisch centrum aan de rand van de stad pleitte, waardoor abusievelijk de schijn gewekt werd dat zij niet zozeer tegen prostitutie was, maar tegen de zichtbaarheid daarvan in pittoresk Amsterdam.
In de beleving van Sergej kwamen die berichten over alsof er voldoende leegstaand onroerend goed op de Wallen moest zijn waar een jonge entrepreneur als hij iets leuks kon opzetten dat vooral niets met prostitutie te maken had.
Die lege pandjes waren er ook wel, in ieder geval te huur, mits hij bereid was om zes maanden huur vooruit te betalen of soms nog meer. Daarmee was voor Sergej de zaak geregeld. Gebrek aan geld had hij niet en hij geloofde vurig in zijn bedrijfsplan.
‘Nou, als die panden er zijn, dan vertrouw ik erop dat jij de mooiste plek uitzoekt, waar veel toeristen voorbijkomen, en dan teken ik dat huurcontract zodra ik in Amsterdam ben.’
Bork zuchtte. Hij schreef terug dat een huurcontract in Amsterdam geen garantie was dat je ook een vergunning kreeg om daar je bedrijf uit te oefenen. Dat snapte Sergej niet of hij wilde dat niet snappen, want toen kwam het argument dat wij hier in een democratie leefden en dat zoiets als een vergunning een formaliteit hoorde te zijn.
Bork begreep zijn standpunt wel, want hij had in Moskou gezien hoe het systeem daar werkte. Een week voor het museum daar opende was ook de neonreclame klaar en een passerende politieagent attendeerde hem erop dat er nog geen toestemming voor buitenreclame was, waarop Sergej vroeg of hij die per direct kon aanvragen en het antwoord was dat zo’n procedure maanden zou duren en dat hij maar beter de lichtbak los kon schroeven, omdat hij anders een stevige boete zou krijgen.
Sergej bood de ambtenaar een bedrag van ongeveer dertigduizend euro voor een vergunning van 750 euro en daarmee was de procedure dusdanig bespoedigd dat hij een moment later de laatste schroeven kon aanbrengen en het reclamebord een feit was.
Wij zouden dat hier corruptie noemen, maar voor hem betekende het vooral vrijheid om te doen en te laten wat hij wilde.
Bork zag een soort doemscenario voor zich waarin Sergej een ton aan huur vooruit betaalde, zijn bedrijf zou openen om vervolgens een paar maanden later datzelfde bedrijf weer te moeten sluiten.
‘Maar waarom zou de gemeente Amsterdam in hemelsnaam een vergunning weigeren voor een bedrijf van het soort dat prostitutie juist zou terugdringen in de buurt?’ was zijn verweer.
Dat werd een moeilijk gesprek. Veel heen en weer appen, wat Gesher welgevallig moest zijn, want zij werden per bericht betaald. Bij Bork leefde het idee dat Sergej vooral geld uit Moskou aan het sluizen was naar het Westen en dat zijn onderneming hoe dan ook extra aandacht zou krijgen vanwege mogelijk witwassen van geldstromen, maar hij wist dat Sergej, misschien zelfs terecht, zou beweren dat zoiets zeker niet het geval was. Bork wilde vooral ook niet zeggen dat hij Rus was en dat dit mogelijk extra problemen zou opleveren bij een vergunningaanvraag.
Hij had geen idee hoe zo’n aanvraag in zijn werk ging, maar het leek hem dat de gemeente Amsterdam, net zoals hij zelf indertijd, even zou googelen met wie ze te maken had en dan zou stuiten op het verhaal over de gewezen burgemeester van de stad Archangelsk die een veroordeling had gehad voor economische misdaden, acht maanden in de gevangenis had gezeten en wiens straf na acht maanden was omgezet in een voorwaardelijke straf. Dat kon eenvoudigweg niet zonder problemen zijn bij zo’n aanvraag en Bork had ook al geen zin om de persoonlijke vertegenwoordiger van Sergej naar de gemeente Amsterdam toe te worden.
Kennelijk was Bork, hoezeer hij ook zijn best deed, niet goed in het vertellen van smoezen en vage verhalen, want een dag later had Sergej de reden zelf geraden en hoewel hij bij voorkeur in korte berichten van niet meer dan een of twee zinnen communiceerde, kwam er nu een emotioneel betoog binnen onder de kop: Jij gelooft mij niet!
Sergej was duidelijk boos en legde nogmaals uit dat hij zich nooit schuldig had gemaakt aan economische misdaden, zoals in de westerse pers beweerd werd, maar dat hij democratisch gekozen was als burgemeester van Archangelsk en dat er geen problemen waren totdat hij zich kandidaat had gesteld als president van de Russische Federatie. Pas na die aanvraag had de FSB hem van zijn bed gelicht en was het plaatselijke Openbaar Ministerie met die economische misdaden op de proppen gekomen die volgens hem nooit hadden plaatsgevonden en iedereen in de Russische politiek die een gevaar was voor de zittende macht werd via een dergelijke aanklacht aan de kant gewerkt.
Bork wist dat hij nu voorzichtig moest zijn. Hij had Sergej vaker meegemaakt in situaties waarin hij zijn zin niet kreeg en dan kon hij een redelijk explosief mannetje zijn.
Hij schreef terug dat het er niet om ging of hij zijn verhaal geloofde, maar wat de gemeente Amsterdam zou geloven. Sergej reageerde die dag niet meer. Wel ontving hij via een beveiligde verbinding een pdf van een zwaar ambtelijk ogend document, met een groot stempel erop van de Russische Federatie. Bork kon alleen de naam en handtekening van Sergej visueel herkennen, zonder nog steeds de afzonderlijke Cyrillische letters te herkennen.
Cornelia maakte een print van het document en bestudeerde die nauwkeurig. ‘Ik kan niet alles lezen wat er staat, want de stijl is nogal ambtelijk en dat jargon beheers ik niet, maar dit is toch duidelijk een aanvraag om mee te dingen in de presidentsverkiezingen en de datum klopt. Die is ruim voor het incident met de al dan niet vermeende economische misdaden, maar of het document echt is, kan ik natuurlijk niet beoordelen.’
Bork zuchtte. ‘Ja, het maakt ook niet meer uit. Ik denk dat we niets meer van Sergej zullen horen. Ik had gewoon meteen moeten zeggen dat ik fotograaf ben en geen verstand heb van zaken. Ik wilde weer eens iemand niet teleurstellen. Het zal me niets verbazen als hij straks gewoon een vergunning krijgt, want als ik zo om me heen kijk wat voor winkels er in de buurt bijgekomen zijn, dan heeft de gemeente Amsterdam weinig problemen met witwaspraktijken, maar mijn intuïtie zei me dat het wel eens anders zou kunnen uitpakken wanneer de ondernemer in kwestie Rus was. Geheel gebaseerd op een vooroordeel, natuurlijk.’
‘Het maakt ook niet uit, want ik heb weer twee betaalde klussen voor je binnengehaald en de een heeft nogal haast, want het is een Canadees die slechts vier dagen in Amsterdam is en overmorgen weer op het vliegtuig stapt.’
Bork kreunde. De avond ervoor was Cornelia blijven slapen en dat had zijn rug geen goed gedaan. Hij keek haar vragend aan.
‘Het is een ballonnenshoot… eh, fotosessie. Zij definiëren zichzelf als genderneutraal en zij hebben iets met ballonnen, vrouwenkleding en weinig make-up. Heel natuurlijk, allemaal.’
‘Zijn het er twee dan?’
Nu was het de beurt aan Cornelia om zachtjes te kreunen. ‘Bork, ga toch eens met je tijd mee. Pronouns, weet je wel.’
‘Je hebt helemaal gelijk en in het Engels lukt me dat prima, maar bij Nederlandse pronouns vind ik het een beetje contra-intuïtief, zo niet een grammaticale verkrachting. Nu maar hopen dat ik “hullie” daar morgen niet mee voor het hoofd stoot.’
‘Als je dat maar laat,’ zei Cornelia. ‘Ik heb me suf gewerkt om die opdracht binnen te hengelen.’
‘Ja, en dat wordt van harte gewaardeerd. Jij zorgt tenminste dat studio Bork nog een beetje mondiaal blijft, terwijl ik zojuist met al mijn goede bedoelingen een heel groot land, waar ze mijn werk tenminste nog een beetje weten te waarderen, heb afgestoten.’
‘Ja,’ zei Cornelia, ‘ik heb je even in Russische teksten gezocht over je tentoonstelling en je werd ergens in één adem genoemd met die andere westerse “fotograaf-provocateur” Helmut Newton.’
‘Heb ik ook gehoord, maar dat is veel te veel eer.’
‘Nou ja,’ zei Cornelia, ‘jullie maken gewoon ander werk.’
‘Neen, Newton maakte vooral beter werk, maar hij was ook nog eens een bijzonder begaafd zakenman.’
‘Maar voor dat zakelijke heb je mij nu toch?’
‘Onder andere,’ zei Bork, terwijl hij zijn hand naar zijn rug bracht en een overdreven pijnlijk gezicht trok.
‘Aansteller!’