Dimmend licht (6)

Dimmend licht (6) door Hans van der Kamp

Na het telefoongesprek met Cornelia was de lust om te fotograferen hem eigenlijk een beetje vergaan, maar hij besloot toch maar een poging te wagen. In plaats van te fotograferen, reageerde hij zijn ergernis af op de vele gidsen in de buurt die een meute toeristen over de geschiedenis van de stad stonden te vertellen.

Die gidsen waren meestal buitenlandse werkstudenten, die vloeiend Spaans, Portugees of desnoods Chinees spraken, maar hun kennis van de Amsterdamse geschiedenis was bijzonder beperkt. Wat hem mateloos ergerde aan die gidsen was dat ze rustig een groep van twintig toeristen dusdanig centraal in een smalle doorgang parkeerden dat de hele verkeersstroom van voetgangers en fietsers geblokkeerd werd. Toen het verschijnsel voor het eerst zijn intrede deed, had hij in verschillende talen allerlei scheldwoorden geleerd die hij dan voor zich uitriep terwijl hij zich met zijn schouders door zo’n groepje heen duwde, maar dat vond hij al snel eigenlijk te banaal.

In plaats daarvan bleek het, voor hem althans, veel leuker te zijn om zich met een welwillend gezicht aan te sluiten bij zo’n groepje toeristen en dat ergerde de gidsen, want ze werden immers per persoon betaald en hij ging daar zomaar gratis bij staan. Hij deed dan alsof hij die ergernis niet opmerkte en bleef met de glimlach van een zwakbegaafde staan en begon vervolgens elke feitelijke onjuistheid in het betoog van de gids luidruchtig te corrigeren. Dat hoefde hij dan niet lang vol te houden, want zo’n gids zocht dan wel een ander plekje.

Het was zeker niet sympathiek en wat maakte het nu uit dat Rembrandt in dat huis gewoond had en niet Napoleon. Beiden waren dood en wat moest een clubje toeristen anders doen dan naar de verzinsels van zo’n gids te luisteren? Ja, ze hadden naar het Rijksmuseum of het Stedelijk kunnen gaan, maar daar maak je ook geen vijfdaagse reis naar Amsterdam mee vol, terwijl beide musea een vijfdaags bezoek best wel waard waren.

Goed beschouwd was Amsterdam bijzonder pittoresk, zeker het deel waar Bork woonde, maar als je geen interesse voor dope of legale sekswerkers had, was er verder weinig anders te beleven dan het duurste kopje koffie van je leven drinken op een terrasje op de Dam of de Nieuwmarkt.

Echt bevredigend was zijn gepest van de gidsen ook niet. Hij had in zijn jeugd gesolliciteerd als kok in een veredelde snackbar in Esch-sur-Sûre, Luxemburg, en daar had hij ontdekt dat je fooien enorm kon verhogen als je het bord van een peuter van tafel stootte, net als de ouders even de andere kant uitkeken, om dan vervolgens uitermate joviaal met een zwabber en een emmer aan te komen draven om de boel weer op te ruimen, terwijl de huilende peuter een pets om de oren kreeg en hij een tientje of meer toegeschoven kreeg van de beschaamde ouders.

Hoe ernstig was het vergrijp van die gidsen die wat historische feiten niet goed hadden, vergeleken bij wat hij zelf tijdens vakantiewerk in zijn jeugd had gedaan?

Die gidsen zouden waarschijnlijk netjes afstuderen en uiteindelijk pilaarfuncties in de maatschappij vervullen en hij, Bork, was op zijn 71ste nog steeds het nare personage dat hij altijd al was geweest.

Als hij al gegroeid was als mens, dan was het omdat hij beter wist wanneer je ongestraft vervelend kon zijn en wanneer niet. Dat besef had ook nog het voordeel van een zekere bijvangst. Er waren mensen die met hem wegliepen en mensen die hem een absoluut verderfelijk individu vonden. Kwamen die twee groepen elkaar tegen in het café, dan duurde het niet lang voordat hij het onderwerp van gesprek was en dat vond Bork eigenlijk een klein marketingwonder, want zijn naam bleef na zo’n discussie wel weer even hangen en dat was goed voor de studio.

Dat hij daardoor misschien relatief meer nare mensen in zijn studio kreeg dan andere fotografen, nam hij op de koop toe. Nare mensen zijn beter te fotograferen dan brave lieden. In ieder geval was dat Borks overtuiging.

Hij liep de Damstraat in en kocht een slice pizza en daarna nog een tweede. Zijn huisarts zou het daar niet mee eens zijn, maar zin om te koken had hij ook niet.

Thuisgekomen zette hij de Minolta op tafel, waar hij geen enkele foto mee had gemaakt, en staarde vol bewondering naar de camera die ooit de groten van de vroege rock-‘n-roll gefotografeerd had en die in vrijwel alle landen over de hele wereld was geweest. Minstens tien jaar lang was het zijn trouwe metgezel geweest in een tijd dat hij een camera nog zag als een wapen. Zoals sommige militairen in het hout van hun karabijn streepjes krasten, had hij in de bodemplaat streepjes gekrast in de zwarte lak tot op het messing voor elke foto die echt spectaculair was.

Hij schonk zichzelf een borrel in, draaide de camera om en keek tevreden naar de drie streepjes die hem tegemoet blonken. Drie spectaculaire foto’s in tien jaar, dat was best imposant. Een vaardige fotograaf maakt in tien jaar honderden foto’s die je zonder veel moeite als bijzonder goed zou kunnen omschrijven, maar spectaculair? Dat waren er maar weinig en het interessante was dat die foto’s vaak technisch gezien niet eens in de categorie bijzonder goed vielen. Vaak waren ze niet helemaal scherp of compositorisch uit balans, maar het waren wel foto’s die een bijzonder moment in de geschiedenis vast hadden gelegd.

Hij nam nog een borrel en somberde wat over de uitblijvende betaalde fotografie. Het werd tijd om wat geld te verdienen, maar voorlopig moest hij de avond nog doorkomen, dus hij besloot Iris te bellen of ze tijd had voor wat fotografie. Ze nam voor de verandering haar telefoon op, wat bij de jongere generatie eerder uitzondering was dan regel en terecht ook, want waarom zou je je onderwerpen aan een absolute overvloed aan communicatiemiddelen?

‘Wanneer?’

‘Vanavond?’

‘Eh, ja, dan moet ik even wat regelen, maar dat lukt wel.’

Iris was een schat van 25, met een bijzonder verzorgd uiterlijk en – belangrijker – ze was uitermate exhibitionistisch. Hij kon haar ook straffeloos een potloodventer noemen, want daar kon ze alleen maar om lachen. Ze kende haar ware aard en dat was bijzonder voor iemand van haar leeftijd. Hij had haar misschien een keer of vijf gefotografeerd en dat leverde toch indirect wat geringe inkomsten op, omdat een aantal van de halfnaakten wel een plekje vonden op de website of op een van zijn sporadische exposities.

Die foto’s moest hij snel na haar binnenkomst maken, want al snel daarna begon ze met zichzelf te spelen en dat was zeker niet onaantrekkelijk om te zien, maar het leverde veel voor hem onbruikbaar materiaal op. Wat zij met die foto’s kon, wist hij niet en wilde hij ook niet echt weten. In het gunstigste geval maakte ze er een vriendje dat ver weg woonde mee gelukkig. In het ongunstigste geval had ze een pay-per-viewsite en stond hij voor haar geld te verdienen.

Het laatste werd waarschijnlijker toen ze hem vroeg of hij haar wilde filmen.

‘Eerst wat werk voor mij,’ zei hij resoluut.

Hij haalde een messenblok uit de keuken en bood haar het grootste mes aan. Het was een rare ingeving, vond hij eigenlijk. Meer iets wat hij bij gebrek aan betere ideeën voorgesteld had, maar wat zich vervolgens voor zijn oog voltrok, zou hij niet snel meer vergeten. Het werd een pas de deux van Iris met het mes.

Bijzonder geraffineerd trok ze het mes heel zachtjes over alle delen van haar lichaam, waardoor haar huid bolde langs de scherpe kant van het mes, zonder zich ook maar een keer te snijden. Eenmaal klaar met die choreografie sloot ze haar ogen, stak haar tong uit en liet die zachtjes op de punt van het mes rusten. Het leek een logische laatste opname te zijn, maar meteen daarna opende ze haar ogen en keek hem zo indringend aan dat hij alleen nog in een soort reflex op de ontspanknop kon drukken. Dat was de foto, hij wist het zeker.

‘Ik heb het!’ zei hij en hij pakte het mes weer van haar aan en bracht het messenblok weer naar de keuken.

‘Krijg ik nou film?’ hoorde hij haar achter hem nog roepen.

Natuurlijk kreeg ze film. Ze had het verdiend. Bork zette een camera neer die 8K aankon, zorgde voor een ruime compositie zodat zij alle kanten uit kon zonder uit beeld te verdwijnen, drukte op de startknop en liep de studioruimte uit om aan tafel te gaan zitten met een verse borrel.

Terwijl hij nog na zat te mijmeren over wat hij zojuist gezien had met het mes, hoorde hij haar op de achtergrond tot driemaal toe naar een redelijk onecht klinkend orgasme toewerken. Daarna viel het stil en hij ging terug naar de studio en zette de camera uit.

‘Zo… Jij kunt acteren, zeg!’

‘Ja, het zal best wel fake geklonken hebben, maar vind je het gek? Ik had geen publiek. Jij laat me hier met een camera alleen en ik moet het maar uitzoeken.’

‘Ach, maak je niet druk,’ zei Bork, ‘de meeste mannen horen of zien het verschil niet eens.’