Een foute man (34)

Een foute man (34)

Tevreden liep de foute jongeman door de woning en de Nilfisk gleed soepel op rolletjes achter hem aan. Eigenlijk zat zijn taak, zoals die door Djippie beschreven was, erop en op het moment dat hij zich dat ten volle realiseerde, sloeg zijn tevredenheid om in paniek.

Er was gelukkig nog amper een week verstreken van de twee die hij met Djippie had afgesproken. Geld was er ook nog genoeg, zeker nu verf en manuren rechtstreeks door haar betaald werden.

Al die tijd was zijn angst geweest dat hij het hele project niet aankon, wat feitelijk ook zo was, want zonder het netwerk van neef Pim had hij ongetwijfeld nu nog midden in de troep gezeten. Hij had zich nerveus zitten afvragen hoe hij Djippie uit moest leggen dat hij niet de handige klusser was die hij gezegd had te zijn. Eigenlijk was hij alleen maar op zoek geweest naar een dak boven zijn hoofd.

Dat was de urgentie van dat moment geweest.

Nu had hij met een myriade aan andere problemen te maken. Het leek alsof hij steeds opnieuw het ene verraad had weten af te dekken, alleen maar om het volgende in het leven te roepen.

Hij vond het weliswaar fijn dat Anja bij hem was komen wonen. Dat had de avonden en nachten in ieder geval een zeker vakantiegevoel gegeven en eigenlijk was dat nog te zacht uitgedrukt. Hij had als nooit tevoren genoten van het leven. Misschien was het niet de romantiek die in damesbladen werd beschreven. Eerder zou hij het heftig en gepassioneerd noemen en vooral behoorlijk ondeugend, al vond hij dat woord niet meer bij zichzelf passen, nu hij achttien werd.

Zij had als met een toverstaf gevoelens in zijn lichaam opgeroepen waarvan hij het bestaan niet eens had durven vermoeden.

De dingen die ze gedaan hadden, werden in Harmonie der Geslachten, waaruit zijn ouders hun kennis over seksualiteit hadden gehaald, niet besproken.

Maar hoe hij haar binnen een week weer uit huis kon krijgen zonder haar diep te kwetsen, daar had hij geen enkele nette oplossing voor.

Als je, zoals hij, net zo lang tegen de haren van docenten en ouders had ingestreken dat je min of meer gedwongen werd zonder financiële hulp op eigen benen te staan, dan kon je eigenlijk alleen nog maar pragmatisch zijn.

Djippie zou hem zeker niet op straat zetten en al helemaal niet zonder een vangnet of een andere vorm van ondersteuning. In dat opzicht was ze volwassener dan zijn ouders. Misschien zou ze hem zelfs aan de filmacademie laten beginnen en kon hij hier blijven wonen zolang dat nodig was.

Maar dan was er nog dat andere aspect aan Djippie.

Daar waar Anja passie en begeerte in hem opriep, had Djippie hem eigenlijk alleen bescherming, tederheid en veiligheid geboden. Ethisch stond dat op een hoger plan, maar het sprak hem wel minder aan.

Op de scholen die hij bezocht had, stond ethiek centraal. Of het nu roomse ethiek was of socialistische. In beide situaties was ethiek alomtegenwoordig, maar het waren bovenal richtlijnen voor de leerlingen.

Zelf hadden ze blijkbaar niet zoveel met ethiek, anders zouden ze hem niet eerst de vrijheid hebben gegeven om te schrijven wat hij wilde, om hem vervolgens te schorsen om exact diezelfde reden.

Of zoals de paters in zijn jeugd niet van de jongetjes af konden blijven, maar wel met een meetlat op je vingers sloegen als je het lef had het woord poep op het schoolbord te schrijven.

Het laatste was een klein vergrijp.

Het eerste een veel groter.

Maar alleen het kleine werd bestraft.

Hij had het tientallen keren zien gebeuren.

Dit alles overpeinzend kon hij constateren dat hij de grote liefde van zijn leven al vrij jong gevonden had.

Alleen bestond die grote liefde uit twee vrouwen.

Het was een uitzichtloze situatie die, als je er nuchter over nadacht, uiteindelijk alleen maar kon leiden tot het verlies van beiden.

Misschien niet meteen.

Maar uiteindelijk wel.

Hij zette de Nilfisk naast de wasmachine met droger en bracht de Holland Electro naar het berghok.

Daarna bedacht hij zich dat hij bij neef Pim op bezoek zou gaan om hem dan maar in alle eerlijkheid de hele problematiek voor te leggen.

Vroeg of laat moest hij dat toch doen, want als Pim nog contact had met Djippie over de kosten, was het zaak dat hij volledig van alles op de hoogte was.

Op de terugweg kon hij dan nog even langs een telefooncel lopen om Djippie te bellen.

Zelf contact onderhouden was het beste.

Ze zou dan wel weer lieve maar moeilijke vragen stellen, maar dat was beter dan haar maar te laten gissen, waardoor ze misschien haar bezoek aan Maastricht zou inkorten om opeens onverwacht voor de deur te staan.

‘Mag ik mee?’ vroeg Anja.

‘Liever niet. Ik moet een hoop regelen,’ zei de foute jongeman. ‘Maar ik blijf niet lang weg en ik beloof je dat ik op de terugweg pizza meeneem.’

Ze was duidelijk niet blij met zijn antwoord, maar ze gaf hem toch een kus en hij liep de deur uit.

Hij drukte op de bel bij Dreamtime Studio en schrok een beetje, omdat voor de derde keer in korte tijd een andere vrouw achter het glas verscheen.

De eerste twee vrouwen hadden naar zijn idee nog iets gemeen gehad, behalve misschien hun haarkleur. Het waren jonge hippievrouwen geweest in een Indiajurk.

Deze vrouw was geheel anders.

Ze was zwart, had een afrokapsel en was in leer gekleed; in de ogen van de foute jongeman was ze minstens zo aantrekkelijk als de vorige twee.

Neef Pim zat aan tafel met een halve liter bier voor zijn neus en was duidelijk niet aan het werk.

Hij zag achter in de ruimte dat de Olivetti inmiddels een stofkap had gekregen en daarnaast lagen bonnetjes waarvan hij aannam dat die betrekking hadden op de kosten van het schilderen.

‘Je bent ook wel een bijzondere jongen,’ zei Pim met enige spot in zijn ogen. ‘Je komt zonder een stuiver naar Amsterdam en koud een week later zit ik hier je administratie te doen. Als alle kinderen die al dan niet uit modieuze overwegingen thuis weglopen zo zouden floreren, dan was Amsterdam een nieuwe Gouden Eeuw ingegaan.’

Misschien is neef Pim een beetje aangeschoten en is dit niet het juiste moment om het hele verhaal te vertellen, bedacht de foute jongeman zich.

Maar er was geen tijd te verliezen.

Hij vertelde het hele verhaal als een reeks feiten.

Zonder oordelen.

Zonder interpretaties.

Gewoon zoals hij het liefst alles vertelde, ware het niet dat omstandigheden vaak om een andere weergave vroegen.

Geamuseerd liet Pim hem uitpraten.

Niets leek nieuw voor hem te zijn, maar de zwarte vrouw keek regelmatig met verbaasde ogen toe.

Toen hij uitgesproken was, keek Pim hem met een brede grijns aan.

‘Laat ik het even samenvatten. Veel wist ik al. Arend is een scherpzinnige man en hij had veel van de ontbrekende stukjes van de puzzel al ingevuld en met me gedeeld. Maar nog even van voren af aan.

Je loopt zonder een cent van huis weg omdat een paar docenten iets bedacht hadden waar jij het niet mee eens was.

Na drie dagen in Amsterdam weet je Arend zo gek te krijgen om het dubbele van het gangbare bedrag te betalen voor een set die niets anders is dan de sterfkamer van een junkie.

Je dwingt secundaire voorwaarden af die zo mogelijk nog lucratiever zijn.

Je creëert een micro-economie om jezelf heen die zo op los zand gebouwd is dat je in de problemen komt bij je geldschieter.

Vervolgens laat je Arend zijn eigen geld weer terugverdienen.

Je maakt van mij een soort onkostenadministratie.

En alsof dat allemaal nog niet bizar genoeg is, kom je nu met het verhaal dat je de grote liefde van je leven gevonden hebt, alleen bestaat die niet uit één, maar uit twee vrouwen.

De ene heb je drie dagen meegemaakt en geen seks mee gehad.

Met de ander heb je uitsluitend seks en die ken je twee dagen langer.

Of zo?’

Beschaamd keek de foute jongeman naar het tafelblad.

Er viel een korte stilte.

Daarna barstten zowel de vrouw als Pim in lachen uit.

‘Joh, laat je niet kisten,’ zei Pim. ‘Ik zit je alleen maar in de maling te nemen. Ik ben juist zwaar onder de indruk.’

Vervolgens stond Pim op, liep naar de koelkast, haalde er een halve liter Heineken uit en zette die met een ferme tik voor zijn neus.

‘Welkom in Amsterdam!’

(wordt vervolgd)

Hans van der Kamp